It’s a long way home. In the night alone.
Wat begon als een logistiek rommeltje, dat uiteindelijk toch nog goed kwam, werd het slechtste resultaat tot op heden in deze competitie. Allereerst maar het logistieke rommeltje. Allereerst ben ik al op leeftijd, al zou je dat niet zeggen, en dus ingebakken patronen moet je niet zomaar veranderen. Verder moesten we tegen Landau-Terneuzen, gevestigd in Axel, Zeeuws Vlaanderen, en daarmee niet naast de deur. Normaal, althans volgens mijn ingebakken patroon, rijdt Hans dan, die dan eerste Sander ophaalt, daarna ondergetekende en dan Wilbert, die zich dit jaar er wel toe kon zetten deze enorme reis te ondernemen, mogelijk omdat hij ook weer eens door België wilde reizen. Maar dit jaar hebben we Stan erbij in het eerste en Stan woont ook in het Bossche. Dus was er een alternatief bedacht, namelijk dat Hans Sander, Stan en Wilbert zou oppikken en Nico met Lars en mij zou rijden. Dan zou ik dus naar Nico moeten gaan en van daaruit Lars oppikken, zoiets. Later kwam er nog de variant bij dat Stan met Wilbert naar Hans zou rijden (volgt u het nog?) om dan met de auto van Hans, want die is ruimer, verder te gaan. Maar Stan kwam op deze variant terug omdat hij graag zeggenschap over zijn vertrektijd uit Axel wilde hebben zodat we uiteindelijk toch min of meer op de klassieke verdeling uitkwamen. Stan met Wilbert. Hans met Sander en mij en Nico en Lars samen. Feike, zoals te doen gebruikelijk vanuit zijn locatie in zijn eentje. En, oh wonder, we waren allemaal min of meer op tijd.
We speelden in de Prinses Marijkeschool, deels ingericht voor peuters maar gelukkig met voldoende hoge tafels en stoelen om ook twee teams te herbergen, en daarmee een uitstekende speellocatie en werden uiterst vriendelijk ontvangen door onze tegenstanders. Wij werden gesitueerd in de blokkenhoek. U snapt het al, nostalgie uit lang vervlogen tijden kwam boven. Ook de regels, aan de muur geplakt, vermoedelijk voor de peuters, maar zeker ook op ons, spelers, van toepassing, waren duidelijk:
- Wees sil
- Zit stil
- En ben ten alle tijden vriendelijk
Die tweede regel was wel een beetje in tegenspraak met een pamflet dal elders aan de muur geplakt was en waar duidelijk werd uitgelegd dat er te weinig wordt bewogen (overigens niet alleen door de peuters) en de derde regel kreeg nog een staartje.
Bord 1; Sander verloor. Ik heb er weinig van gezien maar uit de analyse tijdens de terugreis wist Sander te melden dat hij op dat moment geen idee had hoe het zo gekomen was. Mijn conclusie is dan dat hij langzaam positioneel van het bord is geschoven zonder het zelf in de gaten te hebben.
Bord 2; Feike ging door zijn vlag. Tegenwoordig een zelden aanschouwd fenomeen maar het schijnt nog te kunnen. Waar dan nog bijkomt dat de stelling waarin hij door zijn vlag ging werkelijk tot 3 cijfers achter de komma gelijk was.
Feike zelf over deze stelling “Natuurlijk wilde ik hier Lb4 spelen, maar dacht dat a4 ook wel kon. Dat kan ook, maar met het idee om dan na ba4 alsnog Lb4 te spelen, niet om Ta8 te spelen. Dat laatste deed ik dus wel, a tempo, en ging van de schrik door mijn vlag.” Waarbij aangetekend dat mijn engine, Houdini 3, Ta8 als beste gelijkestelling zet geeft gevolgd door Lb4 en a4.
Bord 3; Wilbert revancheerde zich voor de verloren bekerpartij van de voorgaande donderdag en wist als enige het volle punt te scoren.
Bord 4; Stan. Het enige wat ik daarover kan melden is dat hij verloren heeft.
Bord 5; Nico was verantwoordelijk voor de consternatie die zo tegen het einde van de partij, toen alle andere al lang en breed klaar waren, plaatsvond. Er moet vermeld dat Nico ongelooflijk slecht stond. Misschien wel slechter dan ik in mijn partij vorig jaar in Waalwijk tegen Sas van Gent (die ik overigens won). Min 11 volgens analyses op chess.com. Nou, dan sta je slecht. En ongetwijfeld heeft de tegenstander dat gevoeld en/of beseft. Maar op een of andere manier wist Nico zich naar een remise eindspel dame+pion tegen dame te rommelen. De tegenstander, vermoedelijk nog in de ontkenningsfase, speelde verwoed door op zoek naar winstkansen die reeds lang verdwenen waren, mogelijk ook hopend op een fout omdat Nico ook op weg leek te doen wat Feike deed, door de klok gaan. In dat proces deed de tegenstander ook nog eens een onreglementaire zet. Hij wandelde uit schaak naar een veld waar hij nog steeds schaak stond. Het moet gezegd, Nico handelde het niet helemaal juis af. Hij ramde zijn klok in onder het roepen van “Dat mag niet” of zoiets. Correct was geweest als hij de klok had stilgezet, de wedstrijdleider erbij had gehaald en zijn beloning had opgeëist. Nee, niet de partij, dat is pas bij de tweede onreglementaire zet, maar twee minuten erbij op de klok. Nico claimde daarna ook nog eens remise omdat naar zijn mening er niet meer op winst maar op vlag gespeeld werd maar netzomin als bij de onreglementaire zet werd door de wedstrijdleider gereageerd. En toen won Nico de pion waarmee remise technisch gezien een feit was. Daarna vlogen de stukken over het bord, iets wat je normaliter slechts incidenteel ziet als een partij verloren wordt, en verliet de tegenstander al vloekend en tierend en vooral gefrustreerd het pand. Een flagrante overtreding van de derde regel.
Bord 6; Ondergetekende had weer last van een aloude kwaal. Ik kon de luxe van de stelling niet aan. Niet ten onrechte weigerde ik een remiseaanbod van mijn tegenstandster. Maar zoals wel vaker kreeg ik het niet gewonnen. Op de 26ste zet had ik een vernietigende aanval kunnen starten maar verzuimde dat. Waarom? Ik weet het niet.
De donderdag ervoor had ik nog een speculatief paardoffer tegen Wim van Wanrooij gedaan wat veel minder opleverde dan wat ik nu zou kunnen krijgen … maar ik durfde niet. Wat ik wel durfde … een zestal zetten later een volle toren weggeven waarna ook alles wat ook maar enigszins kansrijk was uit de stelling was en de stukken in de doos konden.
Bord 7; Lars speelde een degelijke remis.
Bord 8; Hans een wat minder gebruikelijke koningsindiër. Ik heb er weinig van meegekregen behalve dan dat ik tegen het einde van de partij de zwarte koning, die van Hans dus, opgejaagd zag worden naar het witte deel van het bord. Soms ins dat briljant en wordt dat “de winnende wandelkoning” genoemd. Meestal, zo ook deze keer, is dat de opmaat naar mat danwel veel materiaalverlies.
Zo met 6 – 2 verliezen is het dan een nog langere weg naar huis dan heen. Qua ELO was verlies, gezien het niet noemenswaardige verschil, niet te vermijden geweest. Na 5 gespeelde rondes staan we verdienstelijk derde en lijkt de doelstelling, handhaving, al binnen handbereik.
Joost Duquesnoy





Plaats een Reactie
Meepraten?Draag gerust bij!